Wat is het?

Het hart pompt het bloed in de bloedvaten rond door zich bij elke hartslag eerst samen te trekken en vervolgens weer te ontspannen. Deze beweging geeft een bepaalde druk in de bloedvaten. Die noemen we de bloeddruk. De bloeddruk wordt gemeten met een bloeddrukmeter. Deze meet twee getallen: de bovendruk (bij samentrekkend hart) en de onderdruk (als het hart zich ontspant).

Atherosclerose
Bij een hoge bloeddruk is de druk op de vaatwanden groter dan normaal. Hierdoor kunnen op termijn de wanden van de bloedvaten beschadigd raken; dit proces heet atherosclerose (slagaderziekte). Atherosclerose begint vaak eerst in de kleinere vaatjes van het lichaam. Als de vaten beschadigd raken en vernauwen wordt het voor het hart moeilijker om bloed door de vaten te pompen. Het hart krijgt meer te verduren en dit kan gevolgen hebben voor het goed functioneren van het hart. Een verhoogde bloeddruk geeft op de langere termijn een verhoogde kans op met name hart- en vaatziekten, zoals een hartinfarct of een beroerte. Ook kunnen bijvoorbeeld nierziekten, netvliesbeschadiging en ziektes van de urinewegen ontstaan.

Hypertensie
Om de diagnose hypertensie te kunnen stellen, moet de bloeddruk regelmatig en meermaals achter elkaar worden gemeten. De bloeddruk verandert namelijk constant, onder invloed van factoren als beweging, lichaamshouding en spanningen. Voor volwassenen is sprake van hypertensie als de bovendruk van het bloed meermaals op 140 mm Hg (kwik) of hoger en/of de onderdruk op 90 mm Hg of hoger is vastgesteld. Daarbij geldt dat de bloeddruk bij minstens drie opeenvolgende metingen over een periode van drie tot zes maanden hoger moet zijn dan die 140 mm Hg.

Hypertensie geeft zelden klachten, behalve in een aantal speciale omstandigheden.

Gecompliceerde hypertensie

Gecompliceerde hypertensie is hypertensie die moeilijk is te behandelen. Een hoge bloeddruk heeft dan geleid tot complicaties, zoals beschadiging van hersenen, hart, nieren, bloedvaten of een zwangerschapsvergiftiging. Bij patiënten met gecompliceerde hypertensie is het risico op een complicatie duidelijk verhoogd. Daarom is het bij hen belangrijk de verhoogde bloeddruk goed onder controle te krijgen. Dit kan in de praktijk soms lastig zijn als niet goed duidelijk is wat precies de oorzaak van de hoge bloeddruk is. Voor een doelgerichte behandeling is inzicht in de eventuele oorzaak erg belangrijk.

Pulmonale hypertensie

Pulmonale hypertensie betekent letterlijk ‘hoge bloeddruk in de longen’. Het is een ernstige, progressieve en ongeneeslijke ziekte. Patiënten hebben last van moeheid, kortademigheid en geleidelijke achteruitgang van de conditie. Dit wordt veroorzaakt door aantasting van de bloedvaten in de long en overbelasting van het hart. Voor een goede behandeling is het gunstig als de diagnose zo vroeg mogelijk bekend is. Pulmonale hypertensie komt voornamelijk bij vrouwen voor.

Hypertensieve crisis

Bij een hypertensieve crisis is sprake van een sterk verhoogde bloeddruk. In veel gevallen is de bovendruk hoger dan 220 mm Hg en/of de onderdruk hoger dan 120-130 mm Hg. Meestal is de sterk verhoogde bloeddruk een gevolg van een langer bestaande hoge bloeddruk die niet of onvoldoende is behandeld en langzaam steeds hoger wordt. Een hypertensieve crisis kan op elke leeftijd ontstaan. In ongeveer de helft van de gevallen wordt geen precieze oorzaak gevonden. De vooruitzichten hangen onder meer af van de ernst van de orgaanschade die kan ontstaan. De bloeddruk is de druk van het bloed op de wanden van de bloedvaten. De bloeddruk wordt gemeten met een bloeddrukmeter. Deze meet zowel de bovendruk (systolische druk), die wordt opgebouwd in de aorta bij het samentrekken van de linker hartkamer (A) en de onderdruk, die het minimum van de druk is die optreedt tussen twee samentrekkingen van het hart in (B).

Hoe krijg je het?

Meestal is er geen oorzaak van hoge bloeddruk aan te wijzen. Wel zit hoge bloeddruk vaak in de familie. Het komt vooral voor bij mensen boven de veertig jaar, omdat de bloedvaten minder elastisch worden naarmate men ouder wordt. Mannen hebben vaker een hoge bloeddruk dan vrouwen. Mensen die te zwaar zijn of veel alcohol drinken, lopen ook meer kans op een hoge bloeddruk. Stress kan de bloeddruk verder verhogen. Hoge bloeddruk komt het meest voor in de ontwikkelde landen. De aandoening is zeldzaam in landen waar men weinig zout in de voeding doet; zout speelt daarom waarschijnlijk een rol bij het ontstaan van hoge bloeddruk.

Hypertensie
90-95% van de patiënten met hypertensie heeft primaire of essentiële hypertensie. De diagnose primaire hypertensie wordt vaak gesteld als er geen duidelijke oorzaak voor de hoge bloeddruk kan worden aangetoond. We spreken van secundaire hypertensie als er wèl een oorzaak voor de hoge bloeddruk is. De hoge bloeddruk is dan een gevolg van een onderliggende aandoening, bijvoorbeeld een nierziekte, een vernauwing van een nierslagader of een verstoorde werking van een van de hormoonklieren. In het algemeen geldt: hoe hoger de bloeddruk is, hoe groter de kans op secundaire hypertensie. En hoe jonger iemand is, hoe meer kans op secundaire hypertensie. Soms kunnen bepaalde geneesmiddelen zoals de anticonceptiepil, ontstekingsremmende pijnstillers, corticosteroïden of antidepressiva een hoge bloeddruk veroorzaken. Tijdens de zwangerschap kan zwangerschapshypertensie optreden.

Erfelijke aanleg
Er zijn risicofactoren bekend die een rol kunnen spelen bij hypertensie. Naast erfelijke aanleg (familiaire belasting met hart- en vaatziekten) zijn dat een laag geboortegewicht, roken, overgewicht, gebruik van te veel alcohol, suiker en/of zout, een te hoog cholesterolgehalte, gebrek aan lichaamsbeweging en stress. Ook diabetes mellitus (suikerziekte), nierziekten en zwangerschap kunnen de bloeddruk doen stijgen. Bij kinderen komt een verhoogde bloeddruk zelden voor. Op jonge en middelbare leeftijd hebben meer mannen dan vrouwen last van een hoge bloeddruk.

Wat zijn de symptomen?

Hoge bloeddruk geeft zelden klachten. Klachten die voorkomen zijn onder meer hoofdpijn, met name ’s ochtends in het achterhoofd. Duizeligheid, een licht gevoel in het hoofd en oorsuizen komen ook voor. Een extreem hoge bloeddruk – een hypertensieve crisis – gaat vaak direct gepaard met hoofdpijn, kortademigheid, problemen met zien en/of duizeligheid.

Ook al merken mensen in het algemeen niet veel van hypertensie, op de langere termijn is een hoge bloeddruk erg schadelijk voor het lichaam. Bij twijfel wordt mensen dan ook aangeraden om de bloeddruk te (laten) meten. Een preventief bloedonderzoek kan ervoor zorgen dat eventuele aandoeningen vroegtijdig aan het licht komen.

Is het te genezen?

Hypertensie kan nog niet genezen worden, maar met de huidige behandelingen worden wel goede resultaten bereikt. Doel van de behandeling is om de verhoogde bloeddruk te verlagen tot een normaal niveau. Deze behandeling kan bestaan uit aanpassing van de leefstijl (gezonder eten, afvallen, verminderd alcoholgebruik en roken), al dan niet gecombineerd met bloeddrukverlagende medicijnen. Deze zullen in de regel langdurig worden ingenomen.

Behandeling

De huisarts speelt een belangrijke rol bij de diagnose en behandeling van een verhoogde bloeddruk. In de uit 2006 stammende multidisciplinaire richtlijn ‘Cardiovasculair risicomanagement’ zijn uitgangspunten en richtlijnen geformuleerd. De richtlijn is opgesteld door het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) en het Kwaliteitsinstituut voor de Gezondheidszorg CBO. Bij de richtlijn hangt het stellen van een indicatie voor behandeling van verhoogde bloeddruk niet meer af van het niveau van één enkele risicofactor, maar van het totale risico op hart- en vaatziekten op grond van een risicoprofiel.

Aanpassen leefstijl
Bij primaire hypertensie bestaat de behandeling vaak eerst uit het aanpassen van de leefstijl. De arts kan adviezen geven over gezonde voeding, gewichtsafname, vermindering van alcoholgebruik, toename van lichamelijke activiteit en stoppen met roken. Een gewichtsverlies van vijf kilo kan al een gunstig effect hebben op de bloeddruk, vooral bij mensen met overgewicht bij wie de bloeddruk al is verhoogd. Het verminderen van alcoholgebruik kan de bloeddruk met 5-10 mm Hg verlagen. Ook gaat de bloeddruk omlaag door een dieet met veel fruit, groenten en volkorenproducten, en weinig zout, suiker en verzadigde vetten. Roken is nog altijd de grootste risicofactor als het gaat om hartaandoeningen en hoge bloeddruk.

Bloeddrukverlagende geneesmiddelen
Ook kan de arts kiezen voor een behandeling met bloeddrukverlagende geneesmiddelen, gevolgd door periodieke controles. Bepaalde bloeddrukverlagende middelen hebben een gunstig effect op de nieren. Er zijn verschillende groepen bloeddrukverlagende medicijnen op de markt, zoals ACE-remmers, AII-antagonisten, Alfablokkers, Aliskiren, Bètablokkers, Calciumantagonisten, Diuretica en Renineremmers. In de meeste gevallen moeten deze medicijnen langdurig worden ingenomen. Patiënten kunnen één type medicijn krijgen of een combinatie van verschillende medicijnen. Het soort medicijn en de dosering worden afgestemd op de persoon.

Levensverwachting

Mensen met hypertensie kunnen vroegtijdig overlijden aan bijvoorbeeld een hartaandoening, een herseninfarct of aan nierfalen. Door (tijdige) behandeling in de vorm van het aanpassen van de levensstijl en/of het gebruik van bloeddrukverlagende middelen daalt het risico op een complicatie aanzienlijk, maar de gezonde waarden worden niet helemaal meer bereikt.

Ontwikkeling

Wetenschappelijk onderzoek richt zich op nieuwe behandelingen van hypertensie én op de beste combinatie van behandelingen. Een geheel nieuwe aanpak is de ontwikkeling van een vaccin tegen een eiwit dat de bloedvaten vernauwt. Ook vindt onderzoek plaats naar middelen en behandelmethoden die de elasticiteit van de slagaders kunnen herstellen.

Interview met een patiënt

Nellie van Petersen, 71 jaar, heeft sinds haar 35-ste een verhoogde bloeddruk. Vanaf haar 50-ste gebruikt ze medicatie hiertegen. ‘Mijn bloeddruk stijgt niet, maar het zakt ook niet met de medicatie. Ik denk wel eens: misschien hoort een verhoogde bloeddruk gewoon bij mij.’

De verhoogde bloeddruk bij Nellie heeft geen duidelijk aanwijsbare oorzaak. Wel kende zij en haar man een spannende periode toen het werd geconstateerd: hun vijfde kind was net geboren en Nellies vader overleed plotseling, op nog vrij jonge leeftijd, aan een hartaanval. ‘Een mooi, groot gezin om voor te zorgen, met alle drukte die daarbij hoort. Tegelijkertijd verdriet om het verlies van mijn vader en de angst dat een hartaanval, net zoals mijn vader, ook mij eens zou treffen. Ik was moe en voelde vaak een druk op m’n hoofd.’

Vrijwilligerswerk verzorgingshuis
De huisarts adviseerde om rustig aan te doen. Dat was moeilijk voor Nellie, omdat zij er juist van houdt om altijd bezig te zijn. Vroeger met de kinderen, nu vooral met de kleinkinderen. Ze vangt hen vaak op tussen de middag of na schooltijd. Ze blijven soms logeren, ze maakt kleding voor de allerkleinsten. Verder is ze altijd in de weer. Vrijwilligerswerk in een verzorgingshuis, samen fietsen met haar man. ‘Tochtjes van 25 km. maar ook wel eens afstanden van 80 tot 100 kilometer. De verhoogde bloeddruk beperkt me niet, ik leef er niet anders door. Soms ben ik wel eens bang dat ik te veel doe. Gelukkig heb ik een uitstekende conditie.’

De huisarts raadde ook aan om volledig zoutloos te gaan eten. Dat deed ze, maar het had geen effect op haar bloeddrukwaarden. Helemaal zoutloos eten doet ze niet meer, ook omdat het niet wetenschappelijk bewezen is dat het de bloeddruk verlaagt. ‘Ik ben nog wel heel matig met zout en verder houd ik, zoals ik altijd heb gedaan, een gezonde leefstijl aan.’

Harttablet
Toen Nellie vijftig was, begon ze op advies van de internist met medicatie. Vooral vanwege de risico’s die vanaf die leeftijd meer een rol gaan spelen. ‘Liever gebruikte ik niets, ik ben niet zo van de medicijnen. Bovendien voelde ik me fit en had ik niet meer zoveel last van moeheid en druk op het hoofd. Maar ik zag wel in dat medicatie zinvol was om erger te voorkomen en eventuele complicaties vóór te zijn. Het beeld van mijn vader speelde hierbij bijvoorbeeld een rol.’ Ze begon met een bloeddrukverlager, dagelijks een halve tablet. De medicatie werd uitgebreid naar twee tabletten bloeddrukverlagers per dag omdat de bloeddruk uiteindelijk steeds op dezelfde waarden bleef (bovendruk 150 – 165, onderdruk 90 – 95) en dus niet zakte. Daar kwam een harttablet bij, tegen de hartkloppingen waar ze last van kreeg. ‘Ondanks de medicatie is mijn bloeddruk altijd hetzelfde gebleven. Het stijgt niet, het zakt ook niet. Ik sta wel achter mijn medicijnen, het is geruststellend dat mijn bloeddruk niet stijgt. De medicijnen helpen op de momenten dat ik de druk op m’n hoofd voel. Maar toch denk ik wel eens: heb ik écht die twee bloeddrukverlagers nodig? Misschien hoort een verhoogde bloeddruk gewoon bij mij.’

Ontsteking arm
Nellie heeft meer medicijnen gebruikt, waaronder veel pijnstillers. Dat was nodig toen ze borstkanker kreeg, en later een heupprothese. Onlangs is ze geopereerd aan een ontsteking in haar darm. Door haar geschiedenis is ze erg bezig met de vraag wat medicatie met je lichaam doet, welke uitwerking het heeft op kortere maar ook op langere termijn. Tegen de verhoogde bloeddruk gebruikt ze nu al zo’n tien jaar dezelfde medicijnen. ‘Ik zou het fijn vinden als daar weer eens goed naar gekeken wordt. Is dit nog steeds het beste voor mij? Moet het zo blijven of moet/kan het anders? Meer praktisch: stel dat het de huidige medicijnen blijven, is het dan mogelijk om alles in één te slikken, dus dat ik maar één tablet hoef in te nemen? Het blijft vooral zoeken naar waar je lichaam het beste op reageert, en wat echt nodig is. Ik denk dat dit voor alle medicatie geldt.’

Bronnen

Gezondheidsplein

KiesBeter

Nierstichting