Met longsponsje effect medicijnen testen

Een piepklein sponsje aan het uiteinde van een katheter blijkt volgens de Telegraaf patiënten met ernstige longproblemen te vrijwaren van pijn bij het winnen van hun longweefsel voor pathologisch onderzoek.

Volgens onderzoekster Carmen Veith, afdeling toxicologie en farmacologie van het Maastricht UMC, kan het sponsje, dat slechts enkele millimeters meet, straks wellicht het aanmerkelijk pijnlijker ’longbiopt’ vervangen.

Bij een longbiopsie haalt de radioloog met een naald een stukje longweefsel (een biopt) uit de long weg. ‘Dat is dikwijls pijnlijk en geeft soms ook bloedingen’, zegt Veith. ‘Niet echt prettig voor de patiënt, die het toch al zo moeilijk heeft. Met dit sponsje, dat we nog aan het uittesten zijn, kunnen we cellen ’vegen’ om te bepalen of bij hen wel of geen sprake is van longfibrose.’

Achteruitgang remmen
Het longsponsje is een van de lichtpunten in het onderzoek naar de chronische en kwaadaardige longziekte ’idiopathische longfibrose’ (IPF). Op dit moment zijn er geen volledig effectieve behandelmogelijkheden voor IPF, schrijft de Telegraaf. Wel twee medicijnen die de achteruitgang van de ziekte bij een deel van de patiënten kunnen remmen.

Optimale behandeling
Door het effect van de twee medicijnen te testen op longcellen, met het longsponsje geveegd uit patiënten met deze longziekte, wil onderzoekster Carmen Veith proberen te voorspellen welk geneesmiddel het meest effect heeft bij de verschillende patiënten. ‘We hopen al voor het begin van de behandeling de juiste therapie te kunnen voorspellen, zodat elke IPF-patiënt een optimale behandeling kan ondergaan.’