Personalised medicine

Personalised medicine is de behandeling van een patiënt op basis van zijn eigen unieke kenmerken. Het wordt steeds duidelijker welke invloed de individuele eigenschappen van een patiënt kunnen hebben op het ontstaan en verloop van een ziektebeeld.

Behandelaars hebben hulpmiddelen nodig om een ziekte gericht te kunnen voorspellen, diagnosticeren, behandelen of zelfs voorkomen. Hiervoor wordt steeds meer gebruik gemaakt van biomarkers, dit zijn specifieke meetbare kenmerken van een persoon. Denk daarbij aan biologisch materiaal zoals bloed en weefsel, maar ook aan instrumenten om de conditie van een patiënt te kunnen meten en duiden. Dat kan bijvoorbeeld met MRI- of CT-scans. Zo ontstaat een genotypisch (genetische eigenschappen) en fenotypisch (invloed omgevingsfactoren als voeding) profiel van de patiënt. Dit patiëntprofiel zorgt er, in samenhang met nieuwe technieken, voor dat het steeds beter mogelijk is om een scherpe diagnose te stellen en een effectieve behandeling te kiezen.

Factoren in kaart
Het in kaart brengen van al deze factoren zorgt ervoor dat de werking van een geneesmiddel bij een individuele patiënt steeds beter kan worden voorspeld, nog voordat het medicijn wordt toegediend. Bepaalde patiënten zijn veel gevoeliger voor een geneesmiddel, waardoor zij een andere dosis of zelfs een ander medicijn nodig hebben. Ook hebben sommige mensen, onder meer door erfelijke eigenschappen, bij gebruik van bepaalde geneesmiddelen een grotere kans op ernstige bijwerkingen. De werking en bijwerkingen van een middel zijn steeds beter te voorspellen, dankzij biomarkers en verbeterde diagnostiek. Zo kan de arts veel leed voorkomen, bijvoorbeeld door een ander, soortgelijk middel of een andere dosering voor te schrijven.

Personalised medicine bij kanker
In de oncologie wordt steeds duidelijker dat tumoren die in een bepaald orgaan te vinden zijn, een andere genetische oorzaak kunnen hebben. Hierdoor reageren patiënten dus niet altijd goed op een bepaalde behandeling. Een genetische analyse van de tumor is dan ook eigenlijk noodzakelijk voordat een behandeling wordt gestart. Hierdoor kan het ook voorkomen dat patiënten geholpen kunnen worden met een geneesmiddel dat oorspronkelijk voor de behandeling van een andere tumor is ontwikkeld.

Optimale dosis
Bij een aantal andere medicijnen wordt voor de start van een behandeling geanalyseerd met welke snelheid een patiënt dit geneesmiddel afbreekt. Dit is voor iedere patiënt anders en afhankelijk van de aanwezigheid van bepaalde eiwitten in de lever. Door eerst te meten hoe snel patiënten deze middelen afbreken, kan de optimale dosis worden bepaald. Hierdoor wordt voorkomen dat een te lage dosis leidt tot afbraak van het geneesmiddel, voordat deze zijn werking in het lichaam kan doen.