< Terug naar overzicht

De tweelingbroers Herrick die van nier ‘wisselden’

1954

Nog ouder dan de weg naar Rome zijn de verhalen over orgaantransplantaties. Als we ze moeten geloven, vervingen de chirurgen Cosmas en Damianus in het jaar 287 na Christus al het door kanker verteerde been van de koster van een Romeinse kerk, door het been van een overleden Moor die nét  op het kerkhof begraven was. Met als gevolg dat die voortaan door het leven ging met één wit en één zwart been.

De eerste officiële geslaagde orgaantransplantatie werd uitgevoerd in 1954 en wel door chirurg Joseph Murray. Hij zorgde dat Richard Herrick – die op sterven lag doordat zijn nieren door een chronische ontsteking langzaam verschrompelden – een gezonde nier kreeg van zijn tweelingbroer Ronald.

Richard bleef nog acht jaar leven met zijn nieuwe nier. Terwijl Ronald pas overleed in 2010, overigens aan complicaties die ontstonden na een hartoperatie.

De eerste orgaantransplantatie in Nederland betrof ook die van een nier. In 1966 kreeg in een jongeman in het LUMC een nier van zijn moeder. Tot 1980 werden er hooguit tien nieren per jaar getransplanteerd.

Nu gebeurt dit een paar honderd keer per jaar. Langzamerhand krijgt het aantal levende nierdonoren de overhand: in 2013 stonden 520 levende mensen een nier af, terwijl er 434 kwamen van overleden mensen.

Naast nieren worden tegenwoordig allerhande transplantaties uitgevoerd. Al meermalen zijn complete gezichten, handen en armen getransplanteerd. En onlangs werd de eerste baby geboren bij een vrouw die de baarmoeder van haar moeder had gekregen.

De tweelingsbroers Herrick die van nier 'wisselden'